Ingezonden brieven naar aanleiding van de gemeenteavond

De redactie van KerkVenster heeft naar aanleiding van de gemeenteavond over de Kerkgebouwen op 28 mei jl. een aantal ingezonden brieven ontvangen.

Deze brieven bevatten veel emoties en ook vragen aan de kerkenraad. De ingezonden brieven worden niet integraal geplaatst, maar de redactie heeft de vragen en emoties zoveel mogelijk verwerkt in onderstaande samenvatting.
Wij publiceren in dit nummer van KerkVenster een samenvatting van de brieven die tot nu toe bij ons zijn binnengekomen. In deze samenvatting zullen uw gevoelens en vragen een plek krijgen. De volledige brieven hebben wij doorgestuurd naar de kerkenraad. Gedurende de zomer, mag u brieven met vragen en emoties met betrekking tot de gebouwen naar de redactie van Kerkvenster blijven sturen. Wij zullen alle brieven, die u nog instuurt naar de redactie over dit onderwerp, op dezelfde wijze behandelen.

De kerkenraad geeft in haar bijdrage ‘De zomer is aanstaande’, antwoorden en reacties op de vragen en emoties uit de ingezonden stukken.
Deze samenvatting en het stuk van de kerkenraad overlappen elkaar deels, maar wij willen onze afspraak aan de inzenders nakomen en plaatsen daarom beide stukken.

redactie KerkVenster

Samenvatting ingezonden brieven:

De een ervoer de avond als enerverend, de ander als ‘een klap in het gezicht’, of was verbaasd over de harde toon vanuit de zaal. Deze emoties leidden tot de volgende vragen en opmerkingen:

Er wordt door de kerkenraad naar de toekomst gekeken van kinderen en kleinkinderen. Ontzorgen is het toverwoord.
Waarom wordt geen enkele rekening gehouden met de huidige generatie?

De jeugd was op deze avond vreselijk ondervertegenwoordigd. Ik vraag me werkelijk af of dit het merendeel van hen wel interesseert. Want als de jeugd het belangrijk genoeg had gevonden, dan was de kerk deze avond toch wel met meer jeugd gevuld geweest?

 

Gelukkig is er naar de mening van de jeugdouderlingen/jeugdraad gevraagd, maar wat vindt de jeugd hier nou eigenlijk van? En is er wel naar hun mening gevraagd?

Er worden beslissingen genomen die getuigen van weinig vertrouwen in die toekomstige generatie. Wat is er aan de hand met het vertrouwen in de volgende generaties? Zouden zij niet voor zichzelf kunnen zorgen en hun eigen verantwoordelijkheid dragen?

Ik heb erg veel bewondering voor alle tijd en energie die gestoken is in de plannen voor de Oude Helenakerk. Maar moet de jeugd in de toekomst de grote financiële risico’s dragen van de Oude Helenakerk, met teruglopende subsidies, minder kerkleden en het risico van duur onderhoud?

Voor heel wat mensen lijkt ‘samen kerk zijn’ gelijk te staan aan het in bezit hebben van een gebouw, een eigendom. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?

Was het nou niet mooier geweest dat we alle tijd/energie die we de afgelopen jaren aan stenen hebben besteed, besteed hadden aan pastoraal werk en het omkijken naar elkaar?

Gedurende vele eeuwen hebben Aaltenaren, kerkbestuurders en kerkenraden de Oude Helenakerk in bezit gehad en indien nodig opgelapt, hersteld, gerenoveerd, heringericht. In het Godsvertrouwen dat onderhoud aan de kerk gezegend werk was, hielden onze voorouders het gebouw in stand en vooral in eigendom. Wat is er aan de hand met het toekomstvertrouwen van de huidige kerkenraad dat ze het niet aandurft om dit bijzondere gebouw in eigen beheer te houden?

Wat is er aan de hand met deze kerkenraad dat ze de Oude Helenakerk, het kroonjuweel van de huidige PGA, weggeeft in de hoop dat een ander er goed voor zal zorgen?

Waarom is er meer vertrouwen in de SOGK dan in de gemeenschapszin van de Aaltenaren, nu en in de toekomst?

Er wordt door de kerkenraad aan ‘cherry picking’ gedaan: alleen acht slaan op die gegevens die de gewenste uitkomst ondersteunen.

Als de Oude Helenakerk wordt overgedragen aan de SOGK moet een flinke bruidsschat worden betaald, terwijl voor elk evenement waarvoor de kerk daarna gebruikt gaat worden, en dat zijn niet alleen de kerkdiensten, betaald moet worden.

 

Wat ik heb gemist zijn de kosten van de Zuiderkerk. Waarom legt de kerkenraad deze kosten niet naast elkaar, zodat een ieder kan zien hoe je het beste kunt ontzorgen?

Het lijkt erop dat de kerkenraad al in een vroeg stadium heeft gekozen voor de SOGK, en de OHK-groep toch wat links heeft laten liggen.

Waarom is er niet of onvoldoende geprobeerd een gezamenlijke weg te vinden? Kerkenraad, neem eerst wat gas terug, maak pas op de plaats en kijk naar de parallellen in beide plannen, naar mogelijkheden die de inzichten van beide stromingen kunnen verenigen.

Wat is het bezwaar om eerst met de OHK-groep in zee te gaan? Waarom zou er in de toekomst geen plaats zijn voor nog een kerk binnen de SOGK? De voorgenomen keuze van de kerkenraad gaat in elk geval toch ook uit van de toekomstbestendigheid van deze stichting?

Het historisch interieur is beter gewaarborgd bij het plan van de OHK.

Bij de SOGK moet er meer aangepast worden. Bij een keus voor de SOGK zal de energienota hoger zijn dan bij het OHK-plan.

Dat zijn heel belangrijke verschillen. Een zo breed mogelijke opzet zou mooi zijn, liever nog verder dan alleen kerk en Elim. Bovendien betrek je zo de gemeenschap erbij.

Zou een bouwcommissie kunnen onderzoeken of er een variant mogelijk is?

In de plannen wordt uitgegaan van een visie ontwikkelen met als uitgangspunt twee gebouwen. Je kunt je afvragen hoe reëel dat (nog) is. De terugloop in het aantal kerkgangers zal het laagste punt nog niet hebben bereikt. En nu zie je al vaak dat twee gebouwen bijna niet nodig is.

Zullen, zoals gezegd op deze gemeenteavond, bij een keuze voor de SOGK de gewone diensten in de Oude Helenakerk op termijn verdwijnen? Je moet immers huur betalen en dat zijn extra kosten.

Wat te denken van de rol van het Restauratiefonds?

Al heel lang is het Restauratiefonds erin geslaagd het enorme kostenprobleem van kerkrestauratie het hoofd te bieden. Dat is geen geringe prestatie. Grote inzet van mensen, vindingrijkheid en een heel breed draagvlak hebben dit mogelijk gemaakt.

Maakt de SOGK het zichzelf niet erg makkelijk?
Ze vraagt en krijgt – als het ware op een presenteerblaadje – een aangepast en goed onderhouden gebouw. Daarna is pas op termijn het onderhoud voor de SOGK. Voor dat onderhoud klopt ook zij op een aantal subsidie-deuren. Subsidieverleners zoals rijk en provincie praten gemakkelijker met overkoepelende organisaties zoals de SOGK dan met individuele partijen. In dat opzicht is de SOGK in het voordeel.

Uit het verhaal van de kerkenraad had ik de indruk gekregen dat, als je in zee gaat met de SOGK, het vanzelfsprekend is dat je automatisch het eigendom overdraagt. Maar op de website van de SOGK staat te lezen: ‘In bijzondere gevallen kan de SOGK religieuze eigendommen overnemen, bijvoorbeeld als de kerkgemeenschap het beheer niet meer kan dragen of als er andere ‘goede’ redenen zijn die een eigendomsoverdracht wenselijk maken en waarbij de verwerving ook verantwoord is’. Hoe zit dat? 

De SOGK-voorzitter zei op een vraag, gesteld op deze gemeenteavond, dat er een vorm van samenwerking mogelijk is, zodat je beide partijen recht kunt doen. Hierop kwamen geen enthousiaste reacties, maar samenwerkingsmogelijkheden

zijn er wel: zo kun je ook een ‘verbonden instelling’ worden.

Door niet vast te houden aan eigendomsoverdracht, kun je de angel uit het conflict halen tussen kerkenraad en OHK-groep. Je kunt dan nog steeds een beroep doen op ondersteuning van de expertise van de SOGK. En je behoudt de steun van een enthousiaste groep mensen.

De kerkenraad heeft nu de regie nog in handen om zo’n keuze te maken.

Blijft de kerkenraad bij haar voorgenomen besluit om na zoveel jaren van vergaderen, overleggen, tijd en energie, de knoop door te hakken en een besluit te nemen waardoor de jonge generatie een onbezorgde toekomst tegemoet kan gaan?

Toont de kerkenraad visie en vertrouwen en komt ze op haar schreden terug?

Of overweegt de kerkenraad de voorgenomen keuze nog eens en bekijkt hij welke weg men gezamenlijk kan gaan?