Zondag 3 augustus stond tijdens een r.-k. viering in de oude St.-Helenakerk een bijzondere Aaltense vrouw centraal. Het was de heilige Helena, de naamgeefster aan het oudste gebouw van Aalten. Zij staat in de kerk afgebeeld met het kruis en naast haar zoon Constantijn. Haar naam betekent: de schitterende, de stralende. En dat stralende was in gelovige zin in haar leven ook het geval.
Afbeelding secco Helena
Als een tot het christendom bekeerde moeder van keizer Constantijn ging zij als pelgrim naar het heilig land. Zij wilde treden in de voetsporen van Christus. Volgens de overgeleverde verhalen vond zij, alsof zij een archeologe was, verschillende voorwerpen die met Christus verbonden waren. Ook het kruis, waaraan hij was gestorven. Daarom wordt deze vrouw steeds afgebeeld met het kruis. In heel Europa zijn kerken naar haar genoemd. In Nederland is de Oude Helenakerk de enige. Helena is van groot belang geweest voor de verspreiding van het geloof. Daarbij maakte zij ook gebruik van de cultuur en de gebruiken van de Romeinen. Belangrijke Romeinen, maar ook de gewone Romein, werden na hun dood geëerd door iets van hun lichaam of een voorwerp te bewaren op een bijzonder plaats. Een stoffelijk overblijfsel dat de gedachtenis aan de overledene in ere hield. Christenen namen dat over. In het Romeinse Rijk bestond bij de christelijke gemeenschappen een bijzonder intensieve martelarenverering. Het waren de martelaren die omwille van hun geloof waren vervolgd en gedood. Als het enigszins mogelijk was, koos een gemeenschap het graf van een martelaar uit als centrum voor de eredienst. Bovenop of dicht bij het graf werd een altaar geplaatst en daaromheen werd een kerkgebouw opgetrokken. Als dat niet mogelijk was werden kleine onderdelen gebruikt, die verbonden waren geweest met de martelaren: relikwieën. Een relikwie is een overblijfsel van het lichaam van een heilige, of een voorwerp dat met een heilige in aanraking is geweest, waaraan een inspirerende kracht wordt toegekend. Inspiratie om het geloof te bewaren en te verdiepen. Tradities verankerd in het volksgeloof werden zo in ere gehouden. Voor de relikwieën van de heilige Helena geldt dat op een bijzonder wijze. Haar vondst van het kruis van Jezus Christus wijst ons op het centrale symbool van ons geloof. Het Kruis, niet als martelwerktuig en teken van dood en ondergang, maar als teken van de overwinning: Pasen.
In de viering op 3 augustus waren drie relikwieën aanwezig. Zij zijn van oude datum, bewaard in de St.-Helenakerk aan de Dijkstraat en haar voorgangers. Nu worden deze zorgvuldig bewaard in de basiliek te Groenlo. Een relikwie van de H. Helena zelf, een heel klein stukje van haar mantel, een splinter van het Kruis en een klein steentje van het H. Graf met daar omheen gedrapeerd kleine stoffelijke resten van volgelingen van Jezus, waaronder Petrus. Die van Thomas, de ongelovige, ontbreekt. Op het bericht van de andere leerlingen dat Jezus was verrezen, antwoordde hij immers dat hij eerst zou geloven met de proef op de som. Als hij zijn vingers in de wonden van Jezus kon leggen. Eerst zien en dan geloven.
Foto’s van de drie relikwieën
2
Het omgaan met relieken in de r.-k. kerk kreeg in de middeleeuwen een grote vlucht met ook uitwassen. Aan die overblijfselen werden krachten toegekend die volkomen los kwamen te staan van de kern van het geloof: Jezus Christus. Het volksgeloof kreeg alle ruimte met buitensporige handelingen. Terecht legde de reformatie de vinger op deze koers die volledig afweek van het heil in Jezus Christus, de gekruisigde en verrezen Heer. Het evangelie diende centraal te staan met het gehoor als zintuig dat het geloof laat landen in het hart. Zo staat het ook op de kansel in de oude St.-Helenakerk. In latere tijden heeft de r.-k. kerk zich dit ter harte genomen en de uitwassen bij de verering van relieken aangepakt. Zonder daarbij uit het oog te verliezen dat een gelovige een mens is van vlees en bloed, die kan horen, maar ook zien. Die geraakt wil worden in al zijn zintuigen. Het Directorium over Volksvroomheid en Liturgie, Bijlage bij het Directorium voor de Nederlandse Kerkprovincie twee, 237, (2022) gaat ook in op relikwieën. Op de waardige omgang daarmee en hoe deze middels de stoffelijke resten van uitzonderlijke gelovigen altijd dienen te wijzen op Jezus Christus.
Ik was op bezoek bij Henk, die vorig jaar zijn vrouw heeft verloren. Op een tafeltje stond haar mooie foto met daarvoor een medaillon. Daarin zat een klein plukje haar. En Henk verwoordde het eenvoudig: ‘Zo is nog steeds bij me; ze is in mijn leven van grote betekenis. Henk, uit een dorp in de Achterhoek, is reformatorisch en bezoekt regelmatig diensten. Trouwens, bij een bezoek aan een crematorium valt ook vaak een vitrine op waarin prachtige sieraden liggen, van kruisjes tot spelden, van medaillons tot ringetjes en kettingen. Allemaal bestemd om te vullen met iets stoffelijks van de overledene. Mensen hebben blijkbaar behoefte om de gedachtenis op het hart te dragen of in elk geval dicht bij hen.
In onze tijd, waarin wij zweren op bewijzen, kan het eren van oude relikwieën of stoffelijke resten een probleem zijn. Zijn ze wel echt? Wij lijken op de ongelovige Thomas. Als openingszang klonk in de Oude Helenakerk Lied 280 ‘De vreugde voert ons naar dit huis’, waarin de woorden: ‘Waar nog de wolk gebeden hangt van wie zijn voorgegaan’. Ook Helena, de stralende, ging ons voor en ook generaties gelovigen. Net als Helena hebben gelovigen troost en bemoediging ontvangen door de overwinning op duisternis, verderf en de dood. Want in een mensenleven valt vaak een kruis te dragen.
Er is een troostrijke oude bronzen plaquette.
Foto van de bronzen plaquette van Bernard van Lintelo
Ooit heeft die gehangen in de Dom te Münster, helaas door bombardementen volledig verwoest, maar de foto ervan is bewaard. Oude archieven kunnen ook troost geven. Afgebeeld is Bernard van Lintelo (ca. 1445-1511), domheer te Münster. Zijn vader was een bastaardzoon van Herman van Lintelo, broer van de stichter van het Klooster Nazareth (ook genoemd Schaer) bij Bredevoort. Bernard was ook verbonden met dit klooster van de Moderne Devotie. Hij trok als pelgrim naar Jeruzalem en werd daar tot ridder van het H. Graf geslagen. Daarmee kon men thuiskomen. De plaquette herinnerde aan deze gebeurtenis op een gelovige wijze. Centraal staat de verrezen Heer met de overwinningsvaan afgebeeld. De ongelovige Thomas knielt links voor Jezus en legt zijn vinger in de verwonde zijde. Rechts knielt Bernard, als gelovige beschouwer van de scene. Misschien ook beseffend dat hij op Thomas lijkt.
De H. Helena met kruis staat achter hem en legt haar troostende hand op zijn hoofd. In de nimbus rond het hoofd van Helena staat in het Latijn: Heilige Helena, bid voor ons. Het gelaat van Jezus is in 1534 beschadigd door fanatieke wederdopers.
Relieken en ook deze bronzen plaquette kunnen troosten en bemoedigen, indien zij ook wijzen op Jezus Christus. En… de betekenis ervan kan ook worden aangevoeld door de tegenwoordige behoefte om overblijfselen van een overledene dichtbij te bewaren en in ere te houden. Een mens is meer dan gehoor alleen.
