Happen en Stappen met wijk 1 en 2

Nadat we ons verzameld hebben bij ’t Koppelhuis gaan we met z’n tienen op stap naar de eerste locatie.  We worden hartelijk ontvangen bij Ada en Ruud. Nadat Ada ons voorging in gebed kregen we heerlijk pittige tomatensoep opgediend, gemaakt door Carla. Daar lazen we samen het gedicht  Zeven dagen van verwondering: Zonderdag, Aandag, Zindag, Doendag, Wonderdag, Zijndag en Overvloeddag.
Vervolgens liepen we verder naar de familie Brezet. We vervolgden de maaltijd in kloostersfeer. Er stond een lamsstoofschotel en een paddenstoelenstoofschotel klaar, met puree van aardappel en knolselderij en rodekool. Het was volgens de kok een sobere kloostermaaltijd, maar bijzonder smakelijk. Bij de maaltijd hoorde, voor de liefhebbers een heerlijk kloosterbiertje of een wijntje. Net als in een klooster hebben we in stilte gegeten en werd uit de bijbel gelezen: Lucas 10: 1 -11, driemaal in drie verschillende vertalingen. Bij de tweede ronde werd besloten om weer te praten, vooral omdat we zo graag wilden zeggen hoe lekker het was.
Daarna liepen we naar de familie Stronks om te genieten van een vanille panna cotta met aardbei coulis en gemarineerde aardbeien.  Van daaruit liepen we terug naar ’t Koppelhuis via het nieuwe park aan de Bekendijk., met in gedachten een gedicht van Hugo Pos:

Beloof me, kind, als ik van hier verdwijn,
treur niet om mij, straks bloeit weer de jasmijn
en geurt de kamperfoelie. Erger zou het wezen
als zij verdwenen waren. En ik er nog zou zijn.

Bij ’t Koppelhuis hebben we ‘happen en stappen’ afgesloten met koffie en thee.
Met dank aan de organisatie en de koks, gingen we allemaal met een fijne ervaring rijker weer huiswaarts.

                                                                                                 Joke Meynen