Neem en lees

Vanaf deze editie van KerkVenster zal er informatie opgenomen worden bij de teksten van het leesrooster dat elke keer gepubliceerd wordt. We hopen dat deze extra informatie een bredere blik op de Bijbelteksten zal geven.

Omdat het de eerste keer is plaatsen we de teksten met de informatie op deze pagina.

Voor elke dag van 2026

‘Dagelijks brood’ of ‘geestelijk voedsel’, zo verwoorden Bijbellezers wereldwijd hoe zij de omgang met Gods Woord ervaren. Net als voedsel geeft de Bijbel kracht en moed voor de uitdagingen die iedere dag op ons afkomen. Maar hij doet nog veel meer: de Bijbel laat ons met nieuwe ogen naar onszelf en de wereld om ons heen kijken, en soms ervaren we dat God door een tekst heen heel persoonlijk tot ons spreekt. Daarom biedt het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap ook dit jaar graag haar Bijbelleesrooster aan: voor iedere dag een Bijbeltekst om ons te voeden en te inspireren.

Uitleg bij het leesrooster

Bijbelse leesroosters zijn bijna zo oud als de Kerk zelf. In het leesrooster van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap komen verschillende eeuwenoude en wereldwijde leestradities bij elkaar.

Om de onderliggende leestradities, de samenhang met kerkelijke feestdagen en de Bijbels-inhoudelijke lijnen en verbanden duidelijk te maken, is er bij iedere maand een korte toelichting over de gemaakte keuzes.

Waar in die toelichting verwezen wordt naar ‘de Kerk’, wordt de kerk als gemeenschap van alle eeuwen bedoeld, ook al klinken in individuele kerken op zondag andere teksten.

Vaak worden teksten die volgens een bepaalde traditie of volgens het oecumenisch leesrooster op zondag worden gelezen in kleinere perikopen over de dagen voor of na een zondag verdeeld.

Het NBG-Bijbelleesrooster 2024 is, net als in voorgaande jaren, samengesteld door ds. Klaas Touwen, predikant van de Oude Kerk in Amsterdam en van de Nederlandse Kerk in Duitsland.

Neem en Lees

Juni 2026

vrijdag

5

 

Matteüs 8:14-22

zaterdag

6

 

Matteüs 8:23-34

zondag

7

 

Matteüs 9:1-17

maandag

8

 

Matteüs 9:18-34

dinsdag

9

 

Psalm 50

woensdag

10

 

1 Samuël 20:1-11a

donderdag

11

 

1 Samuël 20:11b-23

vrijdag

12

 

1 Samuël 20:24-34

zaterdag

13

 

1 Samuël 20:35–21:1

zondag

14

 

Psalm 120

maandag

15

 

Matteüs 9:35–10:15

dinsdag

16

 

Matteüs 10:16-33

woensdag

17

 

Matteüs 10:34–11:1

donderdag

18

 

Psalm 37:1-24

vrijdag

19

 

Psalm 37:25-40

zaterdag

20

toonbroden

1 Samuël 21:2-10

zondag

21

 

1 Samuël 21:11–22:5

maandag

22

 

1 Samuël 22:6-23

dinsdag

23

 

Psalm 34

woensdag

24

Sint Jan

Matteüs 11:2-15

donderdag

25

 

Matteüs 11:16-30

vrijdag

26

toonbroden

Matteüs 12:1-21

Meditatie

Tijdens de LeF-dienst op 10 mei (Moederdag) vroegen we de mensen in de kerk of ze op een briefje wilden schrijven wat ze in hun moeder waarderen en welke eigenschap ze wat minder konden waarderen. Ik heb de briefjes gesorteerd en de meest gewaardeerde eigenschap was ‘zorgzaam’. Heeft hoe we naar onze moeder (en vader) kijken ook invloed op hoe we naar God kijken?

De meeste mensen hebben niet zo’n duidelijk beeld bij de Heilige Geest. Jezus wordt vaak gezien als een blanke man, de herder met een schaap op de schouders (terwijl het waarschijnlijker is dat Jezus qua huidskleur leek op een van de Palestijnen die we nu geregeld op tv en in de krant zien). En hoe God eruit ziet? Is dat voor jou die oude man met een baard, zoals afgebeeld op het fresco van Michelangelo in de Sixtijnse Kapel in Rome? Denk je bij God direct aan een man, de Vader in de hemel? Of voel je je prettiger wanneer je God als vrouw, als moeder aanroept? Hoe ziet jouw beeld van God eruit en hoe komt het denk je, dat het er zo uitziet en niet anders?

Het beeld van God dat we met ons meedragen, wordt in hoge mate bepaald door de eigenschappen die we bewust of onbewust aan God toeschrijven. Het maakt een groot verschil of we God vooral zien als soeverein, ondoorgrondelijk en heilig dan wel als liefdevol, vergevingsgezind en nabij. Calvijn maakte het al duidelijk: wij kunnen niet op een ‘objectieve’ manier over God spreken. We kunnen geen ‘wezenlijk neutrale’ uitspraken doen over God, zoals we dat kunnen doen over natuurkundige deeltjes of getallen. Het is ook niet zo dat je als vanzelf allerlei wetenswaardige dingen over God op het spoor kunt komen door maar flink wetenschappelijk onderzoek te doen. God overstijgt het niveau van de alledaagse wetenschap, en kennis van God is daarom ook van een andere orde dan feitenkennis. Ze is per definitie relationeel, dat wil zeggen ingebed in de verhouding die we met God hebben. Het gaat (Calvijn) erom wie God voor ons is en omgekeerd, wie wij voor God zijn.

Het bijzondere is dat je God leert kennen als je een weg met God gaat, de weg van het geloof. We kunnen niet van een veilige afstand een onafhankelijk oordeel over God vormen om vervolgens te bepalen of we al dan niet in deze God geloven. Wie het over God heeft, heeft het per definitie over degene die zich in een relatie met ons stelt, die ons aanspreekt, oproept, oordeelt en genadig wil zijn. Zo laat God zich ‘gaandeweg’ kennen.

Elizabeth van Deventer

   

Matteüs 8:14-22